Architectuur en de kredietcrisis

Geplaatst op 21 mei, 2010 
Opgeslagen onder onderwerpen

Wie een goed gebouw wil maken zal de mensen moeten leren kennen

Back to Basics, daarmee kan en zal de bouwwereld budgetbeperkingen als gevolg van de kredietcrisis pareren, zo valt te lezen in het Jaarboek van de Architectuur 2009. Het slim toepassen van bijvoorbeeld eenvoudigere materialen en prefab elementen zal leiden tot architectuur zonder toeters en bellen. Een zinvolle ontwikkeling, een logisch gevolg van deze tijd.

Het is goed te overwegen wat essentie is en wat toeters en bellen zijn. Die heroverweging wordt nog eens ondersteund door historische belangstelling in Nederlandse architectuur voor soberheid en duurzaamheid.

Naast deze materiële afweging is het ook goed om stil te staan bij een diepere laag achter de kredietcrisis. En dat leidt tot de morele kant: het systeem van financiële waarden die prevaleren boven levenswaarden is bankroet. Winst als eerste doel heeft ons het bankroet gebracht. En het is goed om nu ook met die bril te kijken naar de architectuur: wat zijn de morele toeters en bellen in dat werkveld? In de bouwwereld speelt ook economisch gewin een belangrijke rol, en met regelmaat: de eerste viool. Daarnaast is er in mijn beleving in ons vakgebied regelmatig sprake van persoonlijke verwarring.

Geld als doel

De vrije markt verteert de moraal, zei de econoom Wilhelm Röpke. Hij riep op tot het formuleren van immateriële waarden en beschouwen van de historische kaders als voorwaarde voor economische ontwikkeling. Als zin en bezieling, ontbreken wordt geld doel op zich, met mogelijk desastreuze gevolgen. De kredietcrisis heeft het bevestigd. Steeds meer sectoren in de bouw worden door markt en geld gestuurd. Dit heeft ook regelmatig gevolgen voor de rol van de architect. Architect Ekim Tan signaleert een extreme vorm hiervan: … de architect is stylist geworden… De alternatieven lijken duidelijk: je bent stylist en je werkt met de Grote Jongens, of je bent activist en je werkt met de mensen.

Dat economie, goed financieel huishouden, een rol speelt is vanzelfsprekend. Geld als doel leidt echter af van inhoudelijke zaken. Markt partijen corrigeren zich niet van zelf, zonder kaders wordt de gretigheid grenzeloos. Geld is een goed hulpmiddel en gevaarlijk als sturingsmiddel.

Kunstenaarschap voorop

Daarnaast heeft de extreme individualisering van onze samenleving geleid tot een overdreven gevoel van persoonlijkheid: de gedachte dat een architect zijn fantasie de vrije loop moet kunnen laten en zich kost wat kost op originele manier moet uit drukken. Kunstenaar en vormgever stelden traditioneel hun kunnen in dienst van de samenleving.

Talent wordt ontwikkeld om te kunnen dienen. Individualisering maakt dat originele persoonlijke expressie prevaleert. En zo zien we een persoonlijke verwarring: de ontwerper wil uiting geven aan zich zelf in plaats van aan wat gevraagd wordt.

Recente voorbeelden hiervan zijn er helaas genoeg. Met regelmaat horen we bijvoorbeeld dat collega’s de toegang tot de bouw wordt ontzegd, omdat hun bijdrage niet meer als positief werd ervaren.

Architectuur gaat niet in de eerste plaats over geld of over een persoonlijk kunstje. Architectuur gaat over mensen. Daar ligt de bron van ons werk, dat voor jaren onze woonomgeving en werkruimten vormt. En dat vraagt kennis van mensen.

Wat is dan Mooi?

Waar mensen de kans krijgen hun eigen woning te bouwen, ontstaat een verzameling van huizen zo divers als in een doos gemengd gebak. Boerderettes, naast villa’s in glas en stucwerk… Tegelijkertijd zien we dat grote bouwwerken in Delhi, HongKong, Tokyo, NewYork grote gelijkenis vertonen, alsof er mondiale afspreken zijn. We willen graag iets moois maken, maar er is afstand tussen professional en leek. Mooi: wat is dat eigenlijk?

Mooi en je eigen geschiedenis

Persoonlijke ervaringen, geschiedenis, geluksbeeld en verlangen naar wat men niet heeft, bepalen onze individuele smaak. Le Corbusier ontwierp strakke moderne arbeiderswoningen in een landelijke omgeving. De abstracte vormgeving, platte daken, hoekige kozijnen, modern materiaal gebruik drukten zijn verlangen naar éénvoud uit. De bewoners, van boerenkomaf, verlangden echter naar hun traditionele huizen en pasten het ontwerp aan met luiken, kleine ramen, hekjes, schuine daken.

Architect en bewoners realiseerden beiden hun verlangen. De architect verdiepte zich echter niet in de mensen voor wie hij werkte. Hij deed zijn eigen ding, hoezeer we, vanuit onze professie als architecten, het wellicht ook kunnen waarderen. Uiteindelijk is de kunde om als architect een vorm te vinden bij het verlangen van de opdrachtgever.

Mooi voor de eeuwigheid

De beleving van schoonheid kent ook een emotionele cyclus, legt Alain de Botton uit in zijn boek “de architectuur van het Geluk”. Een nieuw gebouw wordt enthousiast in gebruik genomen. Vervolgens maakt het enthousiasme plaats voor vraagtekens. Wat vooruitstrevend was, raakt verouderd: zo doen we dat niet meer!. Uiteindelijk komt een sloopbesluit nabij, tot iemand roept: dit gebouw is markant voor die tijd! Het neemt een jaar of 50 om vrijer van persoonlijke emotie en binding te kijken. Kennis van de psychologie van de smaak is fundamenteel in de architectuur, evenals bescheidenheid. Wie weet hoe we over 50 jaar zullen kijken. We lijken ridders van de goede smaak, maar wat willen we veroveren? Vermeldingen in glossy-vakbladen, aandacht in kringen van collega’s, voor wie bouwen we eigenlijk?

De, door het economisch paradigma en ego veroorzaakte, crisis vraagt een antwoord op een immaterieel niveau: dat van moraal. Back to Basics in architectuur wil zeggen: geen toeters, geen bellen, maar mensen centraal stellen.

Architectuur die bijdraagt…

Architectuur als expressie van de wens, droom, van opdrachtgevers voor bewoners, gebruikers… Dat is een architectuur waar de maatschappij baat bij heeft. Opgravingen en historische gebouwen laten een leefwijze, cultuur zien. Het gebouwde fascineert door wat het tot uitdrukking brengt. Architectuur is een weerslag in materie van de samenleving. Architectuur is bezig zijn met het leven, met mensen. Dat is niet een keuze, het is een feit. Het gaat er om ons beste kunnen te ontwikkelen, ons in te leven en dienstbaar op te stellen.
Het gaat er om ons te verdiepen in de vraag en vervolgens daarop creatief en professioneel in te spelen vanuit de architectuur. Door studie en verdiepen zal het bewustzijn rond schoonheid, haar bron en verschijning, toenemen. Niet regels en kaders maar inzicht in cultuur, mensen, samenleving en begrip van eigen oordeel en smaak zijn een bijdrage aan een goed ontwerp.

Een omgeving die voortkomt uit betrokkenheid is een bijdrage voor de ontwikkeling tot mensen die betrokken zijn op hun omgeving.
Wie de mensen leert kennen…wil een goede omgeving voor ze maken en andersom: Wie een goed gebouw wil maken zal de mensen moeten leren kennen…..

Jan Weeda | janweeda@hetnet.nl

Reacties

Reacties graag per email