Nieuws

Nieuws over activiteiten en aanbod…

Incidenteel worden nieuwe artikelen of boek recensies toegevoegd aan deze site. De laatste artikelen vind u, net als dit kopje ’nieuws’ onder Actueel. Ook wijs ik u graag op de boekbeschrijvingen.
Een belangrijk boek voor ieder die te maken heeft met werken en het markt mechanisme is ‘de utopie van de vrije markt’ van Hans Achterhuis, lees meer.
De activiteiten genoemd op deze site worden in opdracht gedaan.

Voor de door mij en ons geagendeerde activiteiten verwijs ik graag naar www.nieuwtij.nl/agenda/

Op de hoogte blijven? Meld u aan voor de nieuwsbrief! janweeda@hetnet.nl

Nieuwe Religie

Zo af en toe trekken mensen wenkbrauwen op als ‘zingeving’ of koers in je leven ter spake komen. ‘Zweverig…’ is de reactie nog al eens. Voor mij is het steeds duidelijker hoe aards het echter is om er bij stilte staan wat voor jou belangrijk is in je leven.
Onlangs confronteerde ik een aannemer met een bouwfout in een project van hem van vijf jaar terug. De man bedacht een antwoord: ‘Ja, dat soort dingen waren in die tijd nog niet bekend, dat is van de laatste jaren’. Het ging om een bouwfysisch vraagstuk dat al decennia lang in beeld is. Het ongemak van de man was genant . Hij worstelde om onder een verantwoording en vermoedelijk vooral kosten uit te komen. Ook ik ken, zeker in mijn vroegere rol als directeur, het geworstel met verantwoordelijkheden en belangen. Ik ken ook de rust die het geeft als de -voor mij- juiste woorden, de koers, me op tijd te binnen schieten.
We hebben koers nodig, voorbeelden te over.
De droevige situatie bij scholen groep Amarantis waar ongebreidelde zelfverrijking werd geconstateerd. Angst, schaalvergroting die leidt tot anonimiteit, verlies van zicht op het werkelijke doel, leegte…
We zien het in de bankwereld.
De druk die de marktwerking ook in de wetenschappelijke wereld veroorzaakt leidt tot even bizarre voorbeelden. Het bracht Diederik Stapel tot het verzinnen van gewenste onderzoeksresultaten. Zoals de bestuurders van Amarantis diep van binnen wisten waar ze mee bezig waren, wist ook Stapel dat.
De verleiding bij het zien passeren van kansen en geld is groot. De voeding om zich zelf tijdig bij te sturen ontbrak blijkbaar. En dat is wat bezig zijn met de zin van je leven doet: je voeden op momenten dat het er omgaat.
Als religie ontbreekt krijgen wereldse zaken een religieuze omvang’ schreef Anselm Grün. Zo is het: geld en macht worden op dat moment heilig. En dat is waar bestuurders, onderzoekers, een aannemer en ik soms het spoor kwijt raken. En dat zijn de momenten waarop je dankbaar mag zijn dat je woorden te binnen schieten van Fichte, Grün of wie je maar inspireert. Dat is de nieuwe religie: uiterst aards. We hebben ‘zin’ en een vorm van zedelijkheid nodig, het is van alle dag. Het komt voort uit een verlangen naar innerlijke rust.
De belangstelling voor zedelijkheid leidt tot religie, niet andersom (Gotlieb Fichte).

Jan Weeda.

Een nieuwe structuur, dankzij de crisis

stichting architectuur voor mensen.

In 2007 maakte ik een reis in de voetsporen van de Boeddha door India. Vanaf 2000 tot dat moment, werkte ik o.a. aan overdracht van mijn bureau en aan het gezamenlijk formuleren van een bedrijfsstatuut. In dat proces waren 2 inzichten sturend.
Het eerste: ‘Markt is een moraal-verteerder’ (W.Rüpke, econoom, ca 1950). Dat het markt principe mensen in eerste instantie aanspreekt op armoedig survival gedrag (strijd/vechten/vluchten) is een grote belemmering in de gezamenlijke en individuele ontwikkeling van mensen. Ik heb het vrijwel dagelijks aan den lijve ondervonden.
Het tweede: ‘transmissie is verticaal’ (filosoof P.Sloterdijk). Ook de gedachte dat je alles zelf moet weten, is een grote belemmering. Op het ene terrein heb je de know how, op het andere terrein heb je de ander nodig: Transmissie is verticaal en soms sta je ‘boven’, soms ‘beneden’.
De overdracht van mijn functie als architect/directeur was in 2007 een feit, het bedrijfsstatuut geformuleerd: een bondige samenvatting van waar het ons omgaat in het werk, in het leven…
Verbazingwekkend was wat de krediet crisis in 2008 vervolgens aantoonde:
het markt-principe als leidend ideaal verteerde inderdaad moraal en bleek een dood spoor.
We waren er op voorbereid, bevestiging is aardig. Maar op de heftigheid van de praktische betekenis van de crisis, zaten ook wij niet te wachten.
We vonden veel begrip voor de nodige reorganisatie en inkrimping. In een aantal individuele gevallen werd het vertrouwen te zeer op de proef gesteld en sloeg Angst toe als drijfveer. De historische -maar uiteindelijk schijnbare- tegenstelling tussen werkgever en werknemer bleek een nadrukkelijke belemmering. We kunnen de geschiedenis niet veranderen, en al generaties lang wordt er gewerkt in de geest van die tegenstelling. Feitelijk is er verwarring over verantwoording voor het eigen leven en voor wat ons is toevertrouwd. Op mij maakte een aantal gesprekken rond die veronderstelde tegenstelling diepe indruk.
Ik ging op zoek naar een structuur die ruimte geeft het gezamenlijk doel, professionele dienstbaarheid, voorop te zetten. Uiteindelijk gaat het natuurlijk om individuele levens houding, maar een structuur stimuleert –of niet.
Het heeft geresulteerd in de oprichting van de Stichting Architectuur voor Mensen (StAM). De naam maakt duidelijk waar het ons uiteindelijk om gaat.
StAM maakt alle medewerkers van het bedrijf participant. Verantwoordelijkheden zijn geregeld voor ieder naar eigen mogelijkheden en vermogen. De een heeft die kwaliteit, de ander deze. De dirigent is niets zonder de violisten, en andersom: transmissie is verticaal. Er is geen sprake van gelijkheid, er is sprake van gelijkwaardigheid. We moeten elkaar niet opzadelen met een schijnbare democratie, waarin iedereen verstand zou moeten hebben van alles. Inzicht in elkaars kunnen en vertrouwen zijn de basis.
StAM is een feit, ontstaan uit het serieus nemen van signalen, opgericht op 11-11-2011. Het is één van de antwoorden op wat de crisis heeft duidelijk maakte en derhalve: oplevert. Ik ben blij met de creativiteit die de situatie heeft opgeroepen. Ik ben blij dat we de moed hebben om er gevolg aan te geven. Het is het hanteren van dat wat je het leven je aanbiedt. Meer kunnen we niet, minder wil ik niet. In het vertrouwen dat het een bijdrage is. En tenslotte: daarmee was ook het laatste stukje overdracht een feit. Ik vervolg mijn pad als adviseur en trainer. Sturend daarin is voor mij de relatie tussen het persoonlijke en de maatschappelijke betekenis van werk en leven. Of dat nu gaat om visieontwikkeling, samenwerking of persoonlijke ontwikkeling. En de middelen die ingezet worden zijn breed: coaching, training, workshops en publicaties. Zo hoop ik bij te dragen, zo ben ik beschikbaar.

Angst of groei

Het is Strijd of Ontwikkelen,
het is samen of alleen…
Strijd en angst als belemmeringen voor groei.

De Amerikaans natuurkundige (1917-1992) David Bohm gebruikte de term “suggereren”, als hij het over onderzoek had. Hij ging er vanuit dat ideeën zouden moeten ontstaan in een vrij stromende dialoog en nooit als vaststaand moeten worden beschouwd. Het is rijk om op deze manier in dialoog te zijn, zó in het leven te kunnen staan. Een open dialoog, nieuwsgierigheid en verwondering zijn katalysatoren van groei. Wie in de geschiedenis duikt vindt dat van de zekerheden uit bijvoorbeeld de middeleeuwen niet veel meer over is op dit moment. En ook nu nog zoveel dat we niet weten…

Wie zijn werkelijkheid beperkt tot wat bewezen is doet zich te kort en sluit een ongekend scala aan mogelijkheden uit. En zekerheid, buiten de eindigheid van dit leven, is natuurlijk illusie. De –zeer menselijke – angst voor onzekerheid is een belemmering in de vrije dialoog en daarmee voor groei. En er zijn er meer…

*Het resultaat van onderzoek naar oorzaken van- en remedie tegen ziekten wordt regelmatig geheim gehouden tot een geschikt commercieel moment. Dit tot meerdere eer en glorie van onderzoekers en fortuin van de farmaceutische opdrachtgever. Zo zien we dat ook hebzucht de communicatie belemmert, en daarmee ontwikkeling.

*Voor politieke verkiezingen zijn “de heren bezig te kijken wie het verst kan plassen” (oud minister Borst, tijdens een formatie periode), om vervolgens maandenlang bezig te zijn met het formuleren van overeenkomsten en uitleggen dat de verschillen niet zo groot zijn als ze voorheen leken. Honger naar macht…nog zo’n belemmering.

*De strijdcultuur leidt ook tot regelrechte angst voor verantwoordelijkheid: wie zal mij afrekenen als ik dit besluit neem? Met wolligheid worden besluiten uitgesteld vooruitgeschoven en nog eens en nog eens… nog zo’n belemmering.

Macht, eer, roem en bezit als criteria… angst en strijd als levenswijze. Waar winnaars zijn, zijn verliezers. Waar strijd is, is geen dialoog. Het is de kracht van dienend leiderschap of macht, het is angst of vertrouwen, het is alleen of verbonden, samen.

Als ik me zelf de vraag stel waar ik me goed bij voel, kom ik vaak op momenten van verbinding. Momenten van gezamenlijke betrokkenheid bij een voorliggende vraag en op die momenten kijken naar wat ik met mijn specifieke mogelijkheden kan inbrengen. Verbinding is een natuurlijke staat van zijn, evenals strijd een natuurlijk fenomeen is dat ontstaat als angst, ego en machtsbelangen gaan prevaleren.

Wat het verschil maakt is waarnemen en bewustzijn. Dat vraagt wel aandacht natuurlijk, als we zien wat kranten, markt en politiek ons voorleven. Wat mij helpt, en naar ik hoop ook mijn omgeving een beetje is: meebewegen, luisteren en waarnemen waar en wanneer mijn specifieke inbreng past in de processen waaraan ik deelneem. Ik hoop van harte dat dat een bijdrage is.

Jan Weeda
janweeda@hetnet.nl

De visie in dit stuk rond het ontdekken van je belemmeringen is een terugkerende thema in mijn werk.

2012. Voorbij de tijd?

Over de betekenis van tijd…

Het is al weer een tijd terug dat ik een bevrijdende ontdekking deed rond “het laatste oordeel”. De schitterende “Course of Miracles” doet de suggestie om Het laatste Oordeel te lezen als: “voorbij het oordeel”, het einde van oordelen… dat bevrijdt! Er wordt veel gezegd en geschreven over het jaar 2012. Met het lezen van “2012, einde van de tijd” (de Koorddanser) herinnerde ik mij dit vrijmakend inzicht dat de Course me bracht.

Of 2012 een belangrijk jaar is in de verandering van de wereld, of het “het eind van de wereld” betekent… Vaak pas na een jaar of 25, met voldoende afstand, wordt het (historisch) belang van ontwikkelingen herkend en geplaatst. Op het moment zelf zijn we “kind van onze tijd” en een deel daarvan. Dat is hoe het gaat. Doe wat je te doen hebt en pretendeer niet…. het is goed om later terug te kijken. Zo keek ik ook naar de opwinding rond 2012: “het zou kunnen, wie zal het zeggen, we zullen zien en bel me in 2020”.

Misschien zijn we aan “het eind van het concept tijd”. Het is met Tijd als met het Denken: beiden zijn een slechte meester maar een goede dienaar. En dan bedoel ik Tijd als direct “uitwas” van het regentschap van de ratio: rationele tijd, tijd is geld, tijd als beperking en het tegenovergestelde van “ruimte”…

Ook bedoel ik psychologische tijd, het –angstige- denken dat ervaringen uit het verleden als onvermijdelijk perspectief op de toekomst projecteert. Dat denken is een blokkade voor het nieuwe, het ongekende. Beiden hebben een relatie met de Verlichting van het denken, dat een sterke individuele vrijheid bracht. Het Zo is Tijd bouwsteen van de materialistische wereld en versluiert gevoelens van verbinding, vertrouwen, intuïtie en betrokkenheid. En zo veroorzaakt Tijd een keerzijde van individualisering: angst en eenzaamheid. Dat concept loopt op zijn laatste benen, daarvan zien we de tekenen. Maar laten we het kind Tijd niet met het badwater weg spoelen.

Bewustzijn van cyclische tijd is een groot goed. Alles wat een begin heeft, kent een einde. Zaad, een idee, ontkiemt, groeit uit, bloeit en na de oogst wordt het herfst en winter… Leren van ervaringen in het verleden is wijs, als het je niet afsluit voor het nieuwe. Door klokken gelijk te zetten maakt kloktijd dat we afspraken kunnen maken. Het is ook een hulpmiddel om inspanningen die ik voor jou pleeg te meten. Nuttig, maar beperkend als het ons gaat bepalen – voor welk concept geldt dat niet trouwens? Belangrijkste in de rij is wel de tijd van leven. Ik ben een passant in een doorgaande cyclus van (eeuwig?) leven. De wereld draait door, ik kom en ik ga. Mijn tijd is beperkt, dat motiveert om ‘m goed te besteden. Die Tijd is een dierbare schat die je mag nemen om te onderzoeken wat je kunt doen in het leven.

2012.. Voorbij de beperkingen van materiële tijd, angst voor de toekomstige tijd. Voorbij de tijd van het tekort, voorbij de tijd van IK… En met een bewustzijn van tijd als ruimte, ruimte die ons is gegeven ons te ontwikkelen en te verbinden. De wereld beweegt en er zijn hoopvolle tekenen. Ik hoop het van harte!

Jan Weeda
janweeda@hetnet.nl

De visie in dit stuk is een van de drijfveren is een van de drijfveren in mijn werk.
De tekst werd gepubliceerd in de Koorddanser van april 2011.

Je leven leiden of lijden

Je leven leiden of lijden aan het leven

Over persoonlijk leiderschap, keuzes, inzicht en overgave.

Het is allemaal niet zo ingewikkeld hoor, het verhaal over leiderschap. Het is voor ieder naar zijn mogelijkheden, en vervolgens toch het enige dat we te doen hebben: leiding nemen. Het is ons leven leiden of lijden aan ons leven…

Leiderschap is verantwoording nemen voor je leven, in zelfverwijzing blijven. Je vraagt je steeds af wat je invloed kan zijn op wat zich voordoet. Ontwikkel de moed te veranderen wat je kunt, de sereniteit te aanvaarden wat niet verandert kan worden en de wijsheid de twee van elkaar te onderscheiden.*Dit is voor ieder op zijn eigen wijze en eigen plek een weg die te gaan is.

In het werkleven speelt dit even zeer als in het persoonlijk leven –ik gun je ook van harte dat de scheiding tussen de twee niet meer dan een praktische is: we zijn uiteindelijk één. Leiderschap is de goede dingen doen, management is de dingen goed doen.

De mensen die de productie verzorgen, kappen zich een weg door de jungle, kappen het kreupelhout, tackelen de directe problemen. Managers staan achter hen en houden de kapmessen scherp, bepalen de weg en de werkschema’s. De leider klimt in de hoogste boom, overziet de situatie en roept: ‘verkeerde jungle’!**

Het kennen van eigen kwaliteiten en talenten, en die van anderen zijn in het werkleven nog nadrukkelijker van belang. Het gaat er ook om te weten met welke jungles je je wilt en kunt bemoeien. Je mogelijkheden kennen maakt je sterk en nederig. Je weet waar je de bordenwasser bent, waar de regelaar en waar de dirigent. (en je bent het allemaal). Dat is de basis waarop je leiding kunt nemen.

Ruimte nemen, verantwoording nemen voor wat zich voordoet en het comfort van wijzen naar “schuldigen” van je ongemak opgeven. Het is de moed hebben uit te komen voor je mening, standpunt en ervaring, zonder te willen dat de ander het zelfde wil. Griezelig wordt het als je het gevoel hebt dat jouw standpunt zo logisch is dat iedereen het wel zal onderschrijven.

Het is ook los kunnen laten: de situatie overzien en zeggen: “O, dit is heel anders dan gisteren, zo is het dan en wat zijn hier de mogelijkheden…” Leiderschap zonder persoonlijk leiderschap is uiteindelijk onmogelijk, vermoeiend , gebaseerd op Macht. Leiderschap verbonden met je zelf is krachtig, is verbonden met de stroom van het leven, je eigen kunnen en dat van anderen.

In de overgave aan je eigenheid ligt het bewustzijn van éénzaamheid. In het inzicht van die éénzaamheid ligt de basis van verbondenheid. En voor mezelf, in de waan van alle dag… hoop ik me dit alles steeds tijdig te herinneren… dat is de oefening.

Jan Weeda
janweeda@hetnet.nl

De visie op het ontwikkelen van persoonlijk leiderschap is een belangrijke factor in ons werk.

* Franciscus van Assisi
** Stephen Covey, Zeven eigenschappen van effectief leiderschap.

Integriteit brengt vertrouwen

de basis van verbonden zijn

Dat integriteit een Hot-item is heeft de kredietcrisis wel duidelijk gemaakt. Waar reken je jezelf op af in wat je doet, hoe houd je koers? In de wereld van markt en commercie zijn de verleidingen groot en legio. Als je functioneert in die wereld en je hebt geen andere koers dan de Heilige Winst kom je terecht in meer om meer, gretigheid, grijpen… Het is simpel een gevolg van de primaire belangstelling in de commerciële wereld.

De winst van de kredietcrisis is dat gebleken is dat die koers doodlopend is. De koers geld leidt tot vallende koersen, geld als doel maakt iedereen arm. Alleen een koers gebaseerd op waarden, waarbij geld een middel is, brengt rijkdom. Om te komen tot je eigen koers is integriteit de basis. En dan bedoel ik niet een integriteit die resulteert in recht vervat in wetten en regels.

Ik bedoel met integriteit de basis die je in jezelf vind als maatgevende factoren in je leven. Ik bedoel: dat wat jij hebt ontdekt als maatstaf waarop je wil worden afgerekend, waarop je je zelf afrekent: innerlijke integriteit.

Samenleven vraagt afspraken en regels rond rechten en plichten. En de daadkracht van de westerse wereld, waarin de markt een belangrijke rol speelt, heeft veel goeds gebracht. Nu gaat het echter om een nieuwe stap in onze ontwikkeling, die ieder individueel heeft te zetten: waarop ben ik aanspreekbaar? Wat is mijn bijdrage, waarvoor neem ik verantwoording?

Het is oor hebben voor je binnenwereld en oog voor de buitenwereld: waar voel je je goed bij, wat zijn gevolgen van je daden voor jezelf, maakt het anderen gelukkig, geeft het rust? Dat brengt je uiteindelijk bij je koers. Vervolgens zal er iedere dag gepeuterd worden aan je uitgangspunten, constant zijn er verleidingen… En kansen om te ontwikkelen en opnieuw af te wegen: alleen dwazen veranderen nooit van koers en inzicht.

Innerlijke integriteit brengt je je koers, integriteit is bereidheid steeds opnieuw af te wegen. Integriteit is de moed te luisteren naar jezelf. Het is de balans tussen moed en consideratie. De moed te zijn wie je bent – op zijn best kunt zijn en consideratie door het inzicht dat de ander anders is. Integriteit is op deze manier de basis voor leven in verbinding.

Jan Weeda | janweeda@hetnet.nl

De visie in dit stuk – rond ontdekken waar je voor staat, je innerlijke waarheid, het verbinden van je wil met daadkracht en verantwoording – zijn terugkerende thema’s in mijn werk.

Deze column werd gepubliceerd in: Helden-zine, Schooldomijn en het ledenblad Humanistisch verbond.

Van competitie naar partnerschap

Van competitie naar partnerschap. Een voor onze wereld cruciale verschuiving van waarden, die Edgar Mitchell (Apollo-astronaut en oprichter van het Institute of Noetic Sciences) signaleert.

De gedachte dat overleven van de sterkste onze natuur is, impliceert een voortdurend gevecht om te overleven. Het refereert aan een oerreflex: wij of zij, vecht of vlucht. Het staat wat we nodig hebben: begrip, verbinding en respect, in de weg. Niet de sterkste overleeft ten koste van de ander, het sterkste overleeft als simpel evolutionair gegeven.

De basis is eerder een voortdurende belangstelling om te ontwikkelen, een nieuwsgierigheid (de nieuwsgierigheid die je al ziet bij een klein kind) om verder te gaan, evolutie onze natuur. Strijd om te overleven staat de ontwikkeling in de weg. Daar ligt ook het belang van het verdelen van welvaart, het verminderen van armoede.

Globalisering is een evolutionair proces van vijandige concurrentie naar samenwerking. (Elisabeth Sahtouris).

Wat een energie wordt besteed aan competitie, concurrentie en strijd… En een geest vervuld van strijd laat geen ruimte voor verbinding. Voor mij zijn leven en – als onderdeel daarvan – werken, geen wedstrijd. Het is geen gok, het gaat niet om wedden. Het is een nauwkeurig onderzoeken van wat de vraag is van degene voor wie je werkt. Het is het verdiepen in de werkelijke bedoelingen van de gebruiker en het gevolg daarvan voor haar gebouw. Dit proces verhoudt zich niet tot de primaire reflex van een gok, of strijd. Dienst verlenen, gebouwde omgeving scheppen, is geen gevecht, het gaat er niet om dat de sterkste zijn een stempel drukt op het werk. Essentieel is dat alle betrokkenen zich herkennen in het resultaat, het gebouw, het advies, de woonomgeving. Werken in wedstrijden brengt armoede. Ik kies voor werken in verbinding, steeds nieuwsgierig naar wat een nieuwe situatie kan brengen. Adviseren, begeleiden, ontwerpen is: verbinding maken in dialoog zijn.

Het is steeds open kijken naar wat je kunt bijdragen, zonder vooringenomenheid. Dit vraagt samenwerking, verbinding, openheid en contact. Dit verhoudt zich niet met de afstand van competitie en concurrentie, als onderdeel van een wereld waar respect en duurzaamheid niet vanzelfsprekend zijn.

Deze visie draag ik graag uit: als je je niet zichtbaar maakt kun je je niet ontwikkelen, je werk niet doen. Graag maak ik me zichtbaar in werkwijze en intentie, dat is de uitdaging. Zo hoop ik een bijdrage te leveren aan een wereld ontstaan uit betrokkenheid, opdat mensen zich betrokken voelen bij hun wereld.

Jan Weeda | janweeda@hetnet.nl

Over claimcultuur, een pleidooi voor vertrouwen

De claimcultuur stort de rijke westerse wereld in de armoede. Het is de armoede van wantrouwen. Met het enthousiasme van Europa over de voortvarende ontwikkeling van Amerika na de 2e wereld oorlog, is ook de claimcultuur over komen waaien. Aqeela Sherills zegt daarover: Amerika zit gevangen in een cultuur die gebaseerd is op vergelding. Hij schetst de historie van Amerika als één met een grote vernieuwingsdrang, maar ook één die gebaseerd is op wantrouwen en geweld. In het zaken doen speelt vertrouwen een marginale rol, claimcultuur is een logisch gevolg.

Daarnaast zien we dichterbij een verwarring van de begrippen gelijk en gelijkwaardig. Het ideaal van gelijke kansen voor iedereen slaat door in de obsessie dat ieder hetzelfde moet kennen, kunnen en hebben. De claim komt uit de wereld van tekort: ik eis mijn deel op – misschien blijft er niet genoeg voor mij over. De claim komt overwaaien aan het eind van een periode van individualisering, ondersteund door de Verklaring van de Rechten van de Mens (Franse revolutie,1789). Die periode heeft, sinds de Verlichting, veel goeds gebracht en leidt nu in zijn eindfase tot het aanvreten van sociale structuren, vertrouwen en verbinding. Dat er in 1795 ook een Verklaring van de Plichten van de Burger is opgesteld is lang vergeten.

De doorgeslagen individualisering zet aan tot het ontkennen van eigen verantwoording; het kunnen zien dat je deel bent van het geheel en altijd verantwoording draagt en kunt nemen. Verantwoording is niet: wie heeft hier de schuld maar: wat kan ik bij dragen aan een goed antwoord op deze situatie.

De westerse mens is niet meer een mens, maar een individu. Het gemeenschappelijke in hem is gestorven. (Nicolas Aguilar Sayritupac, Aymara-indianen).

Het gaat om een manier van kijken. Vanuit het perspectief dat er genoeg is voor iedereen valt angst weg. Er is dankbaarheid en verbondenheid. Vanuit de wetenschap dat in alles wat je doet een kans ligt, kun je je de vraag stellen: Wat kan ik met mijn talenten bijdragen aan het verbeteren van deze situatie?. Zo blijf je buiten het oordelen en met de vinger wijzen. Zo willen we werken met onze opdrachtgevers: in partnerschap. We verlenen een dienst – en dat is een voorrecht. Daar tegenover staat een wederdienst: beloning. Zo is er evenwicht, balans. En dat is een essentiële bijdrage aan harmonie.

Natuurlijk zijn goede afspraken nodig, helderheid. Natuurlijk moeten verrassingen achteraf worden voorkomen. Maar in mensenwerk is niet alles dicht te timmeren met letters en woorden. En als dat het enige is val je – in je eentje – in een groot gat van de eenzaamheid van de claimcultuur. Wat ons betreft ligt daar onder altijd de mat van vertrouwen, de wil samen op te lossen wat zich voordoet.

Jan Weeda | janweeda@hetnet.nl

Architectuur en de kredietcrisis

Wie een goed gebouw wil maken zal de mensen moeten leren kennen

Back to Basics, daarmee kan en zal de bouwwereld budgetbeperkingen als gevolg van de kredietcrisis pareren, zo valt te lezen in het Jaarboek van de Architectuur 2009. Het slim toepassen van bijvoorbeeld eenvoudigere materialen en prefab elementen zal leiden tot architectuur zonder toeters en bellen. Een zinvolle ontwikkeling, een logisch gevolg van deze tijd.

Het is goed te overwegen wat essentie is en wat toeters en bellen zijn. Die heroverweging wordt nog eens ondersteund door historische belangstelling in Nederlandse architectuur voor soberheid en duurzaamheid.

Naast deze materiële afweging is het ook goed om stil te staan bij een diepere laag achter de kredietcrisis. En dat leidt tot de morele kant: het systeem van financiële waarden die prevaleren boven levenswaarden is bankroet. Winst als eerste doel heeft ons het bankroet gebracht. En het is goed om nu ook met die bril te kijken naar de architectuur: wat zijn de morele toeters en bellen in dat werkveld? In de bouwwereld speelt ook economisch gewin een belangrijke rol, en met regelmaat: de eerste viool. Daarnaast is er in mijn beleving in ons vakgebied regelmatig sprake van persoonlijke verwarring.

Geld als doel

De vrije markt verteert de moraal, zei de econoom Wilhelm Röpke. Hij riep op tot het formuleren van immateriële waarden en beschouwen van de historische kaders als voorwaarde voor economische ontwikkeling. Als zin en bezieling, ontbreken wordt geld doel op zich, met mogelijk desastreuze gevolgen. De kredietcrisis heeft het bevestigd. Steeds meer sectoren in de bouw worden door markt en geld gestuurd. Dit heeft ook regelmatig gevolgen voor de rol van de architect. Architect Ekim Tan signaleert een extreme vorm hiervan: … de architect is stylist geworden… De alternatieven lijken duidelijk: je bent stylist en je werkt met de Grote Jongens, of je bent activist en je werkt met de mensen.

Dat economie, goed financieel huishouden, een rol speelt is vanzelfsprekend. Geld als doel leidt echter af van inhoudelijke zaken. Markt partijen corrigeren zich niet van zelf, zonder kaders wordt de gretigheid grenzeloos. Geld is een goed hulpmiddel en gevaarlijk als sturingsmiddel.

Kunstenaarschap voorop

Daarnaast heeft de extreme individualisering van onze samenleving geleid tot een overdreven gevoel van persoonlijkheid: de gedachte dat een architect zijn fantasie de vrije loop moet kunnen laten en zich kost wat kost op originele manier moet uit drukken. Kunstenaar en vormgever stelden traditioneel hun kunnen in dienst van de samenleving.

Talent wordt ontwikkeld om te kunnen dienen. Individualisering maakt dat originele persoonlijke expressie prevaleert. En zo zien we een persoonlijke verwarring: de ontwerper wil uiting geven aan zich zelf in plaats van aan wat gevraagd wordt.

Recente voorbeelden hiervan zijn er helaas genoeg. Met regelmaat horen we bijvoorbeeld dat collega’s de toegang tot de bouw wordt ontzegd, omdat hun bijdrage niet meer als positief werd ervaren.

Architectuur gaat niet in de eerste plaats over geld of over een persoonlijk kunstje. Architectuur gaat over mensen. Daar ligt de bron van ons werk, dat voor jaren onze woonomgeving en werkruimten vormt. En dat vraagt kennis van mensen.

Wat is dan Mooi?

Waar mensen de kans krijgen hun eigen woning te bouwen, ontstaat een verzameling van huizen zo divers als in een doos gemengd gebak. Boerderettes, naast villa’s in glas en stucwerk… Tegelijkertijd zien we dat grote bouwwerken in Delhi, HongKong, Tokyo, NewYork grote gelijkenis vertonen, alsof er mondiale afspreken zijn. We willen graag iets moois maken, maar er is afstand tussen professional en leek. Mooi: wat is dat eigenlijk?

Mooi en je eigen geschiedenis

Persoonlijke ervaringen, geschiedenis, geluksbeeld en verlangen naar wat men niet heeft, bepalen onze individuele smaak. Le Corbusier ontwierp strakke moderne arbeiderswoningen in een landelijke omgeving. De abstracte vormgeving, platte daken, hoekige kozijnen, modern materiaal gebruik drukten zijn verlangen naar éénvoud uit. De bewoners, van boerenkomaf, verlangden echter naar hun traditionele huizen en pasten het ontwerp aan met luiken, kleine ramen, hekjes, schuine daken.

Architect en bewoners realiseerden beiden hun verlangen. De architect verdiepte zich echter niet in de mensen voor wie hij werkte. Hij deed zijn eigen ding, hoezeer we, vanuit onze professie als architecten, het wellicht ook kunnen waarderen. Uiteindelijk is de kunde om als architect een vorm te vinden bij het verlangen van de opdrachtgever.

Mooi voor de eeuwigheid

De beleving van schoonheid kent ook een emotionele cyclus, legt Alain de Botton uit in zijn boek “de architectuur van het Geluk”. Een nieuw gebouw wordt enthousiast in gebruik genomen. Vervolgens maakt het enthousiasme plaats voor vraagtekens. Wat vooruitstrevend was, raakt verouderd: zo doen we dat niet meer!. Uiteindelijk komt een sloopbesluit nabij, tot iemand roept: dit gebouw is markant voor die tijd! Het neemt een jaar of 50 om vrijer van persoonlijke emotie en binding te kijken. Kennis van de psychologie van de smaak is fundamenteel in de architectuur, evenals bescheidenheid. Wie weet hoe we over 50 jaar zullen kijken. We lijken ridders van de goede smaak, maar wat willen we veroveren? Vermeldingen in glossy-vakbladen, aandacht in kringen van collega’s, voor wie bouwen we eigenlijk?

De, door het economisch paradigma en ego veroorzaakte, crisis vraagt een antwoord op een immaterieel niveau: dat van moraal. Back to Basics in architectuur wil zeggen: geen toeters, geen bellen, maar mensen centraal stellen.

Architectuur die bijdraagt…

Architectuur als expressie van de wens, droom, van opdrachtgevers voor bewoners, gebruikers… Dat is een architectuur waar de maatschappij baat bij heeft. Opgravingen en historische gebouwen laten een leefwijze, cultuur zien. Het gebouwde fascineert door wat het tot uitdrukking brengt. Architectuur is een weerslag in materie van de samenleving. Architectuur is bezig zijn met het leven, met mensen. Dat is niet een keuze, het is een feit. Het gaat er om ons beste kunnen te ontwikkelen, ons in te leven en dienstbaar op te stellen.
Het gaat er om ons te verdiepen in de vraag en vervolgens daarop creatief en professioneel in te spelen vanuit de architectuur. Door studie en verdiepen zal het bewustzijn rond schoonheid, haar bron en verschijning, toenemen. Niet regels en kaders maar inzicht in cultuur, mensen, samenleving en begrip van eigen oordeel en smaak zijn een bijdrage aan een goed ontwerp.

Een omgeving die voortkomt uit betrokkenheid is een bijdrage voor de ontwikkeling tot mensen die betrokken zijn op hun omgeving.
Wie de mensen leert kennen…wil een goede omgeving voor ze maken en andersom: Wie een goed gebouw wil maken zal de mensen moeten leren kennen…..

Jan Weeda | janweeda@hetnet.nl